NIEUW BOEK: Het maakt uit hoe je sterft – visies op euthanasie

Sinds euthanasie in Nederland in 2002 binnen bepaalde grenzen wettelijk werd toegestaan, wordt het steeds meer geaccepteerd als een aanvaardbare en waardige manier om te sterven. Veel mensen willen dat deze zelfbeschikking over het levenseinde een ‘grondrecht’ wordt, en ongetwijfeld zal deze wens binnen afzienbare tijd steeds meer gemeengoed worden.
Maar dit werpt belangrijke vragen op, zoals: gaat het werkelijk om zelfbeschikking? En welke rol spelen drijfveren, zoals angst voor het lijden, afkeer van het verlies van waardigheid, het niet kunnen accepteren van afhankelijkheid, eenzaamheid, of het gevoel anderen tot last te zijn?

We kunnen ons realiseren dat je bij euthanasie je levensweg niet volbrengt. Wat kan de bijzondere betekenis zijn van een laatste levensfase, wat missen we als we ons leven voor ons natuurlijke stervensmoment beëindigen? Welke invloed heeft dat op de doorgang naar een ander bewustzijn dat zich na de dood ontvouwt?
Deze en andere vragen rondom levensbeëindiging worden in dit boek besproken vanuit uiteenlopende invalshoeken door auteurs die zich hier, in hun werk, vrijwel dagelijks mee bezig houden.

‘Het maakt uit hoe je sterft – visies op euthanasie’ bestaat uit 26 bijdragen van onder andere Jaap van de Weg, Anton Dekkers, Hans van Delden, Roel Amons, Steven Matthijsen, Luc Vandecasteele, Ingrid Deij, Jolien Wilmar, Michiel Marlet, Marianne de Nooij, Joost Röselaers, Madeleen Winkler, Heleen de Weger en Jan Pieter van der Steen.

216 pagina
Prijs €18,50
Uitgegeven bij Christofoor

Het boek is verkrijgbaar in de boekwinkels. Wilt u het per post ontvangen dan kunt u het bestellen door hier te klikken. U kunt het ook bestellen bij onder meer bol.com.

Opmerking: volgens de websites telt het boek 160 pagina’s. In werkelijkheid zijn het er 216.

 

Enkele citaten uit het boek:

“We zoeken naar een gezonde verhouding ten opzichte van sterven, doodgaan, pijn en lijden. Dat zoeken is goed. Als we het sterven als belangrijk proces behorende bij het leven kunnen omarmen, leren we misschien ook stil zijn, erbij blijven als het moeilijk wordt, hulp  vragen, geduld beoefenen, vertrouwen oefenen, met lege handen staan en vertrouwen op de waarde van onze aanwezigheid, zonder oordeel en met compassie.
Met of zonder euthanasie lijkt me de laatste levensfase dé kans om deze vermogens te leren, mits we dat proberen. Niet pas in de laatste minuut maar op de een of andere manier moeten we tijdens het leven leren sterven. Hoe kunnen we dat leren en het onze kinderen voorleven?”

“Dat euthanasie als mogelijkheid zijn intrede in ons bestaan heeft gedaan, maakt het uithouden van het lijden moeilijker. Ik hoop dat die keuzevrijheid ons uiteindelijk kracht op zal leveren, omdat we ondanks de mogelijkheid eruit te stappen, ook kunnen kiezen dat niet te doen.

Jolien Wilmar, biografisch schrijver

“Ik was verscheurd door de neiging om haar te helpen en tegemoet te komen aan haar zo vurig gevoelde wens, en aan de andere kant besefte ik dat haar leven meer is dan alleen haar beleving.

Is haar leven haar bezit? Mag zij dat beëindigen als zij niet meer verder wil? Op zo’n moment weet ik het niet. Wel weet ik dat zij mij een vraag stelde. Van patiënt tot dokter, van mens naar mens. Op het moment dat zij dat deed, ligt er iets tussen ons, iets waar ik verantwoordelijkheid voor voel en mij niet aan wil onttrekken. Voor mij is het onmogelijk om te zeggen dat ik principieel geen euthanasie verricht en dat ze maar naar een andere dokter of naar de Levenseindekliniek moet gaan. Hoe kan ik het loden gewicht van zo’n verzoek bij iemand anders op zijn schouders leggen?”

Roel Amons, huisarts

“Of lijden ondraaglijk is, zegt iets over het lijden, maar meer nog over degene die dat lijden meemaakt. Het is een mens die zijn lijden moet dragen. En hoe groter de draagkracht, hoe groter het vermogen te lijden. Hoe ontwikkel je een dergelijke draagkracht gedurende je leven?

We weten allemaal dat voor velen van ons de laatste fase van het leven niet alleen maar gemakkelijk zal zijn. De kans op ziekte en lijden is redelijk groot. Hoe bereid je je voor? Door te leren om te gaan met pijn, met tegenslag, en dat te zien als kansen die je hebt om draagkracht te ontwikkelen.”

Jaap van de Weg, arts voor psychosomatiek en ontwikkelingsvragen

 

 

Opengaande vergezichten

Margarete van den Brink

Als mensen met wie we nauw verbonden zijn sterven, kan hun weg naar de dood ons belangrijke inzichten geven. Aan hen ervaren wij dat in ons geestelijke krachten leven die de gebrekkig wordende lichamelijkheid overstijgen en innerlijke wijsheid en liefde creëren. De blik en het bewustzijn verruimen zich naar een andere werkelijkheid die na de dood verder opengaat. Aan de hand van waargebeurde levenssituaties en kennis vanuit de geestes-wetenschap, laat de auteur zien hoe een dergelijk proces zich voltrekt en hoe anderen daarbij behulpzaam kunnen zijn. Naast mooie en ontroerende levensverhalen worden ook praktische inzichten gegeven die zowel in de professionele als in de persoonlijke levens-sfeer gebruikt kunnen worden bij het begeleiden van mensen die gaan sterven.
Dit boek sluit direct aan bij het veelgelezen boek dat Margarete van den Brink eerder samen met Hans Stolp schreef: Omgaan met gestorvenen. Leven voorbij de dood (Uitgeverij Ankh-Hermes).

Opengaande vergezichten is in herdruk uitgegeven bij uitgeverij Nearchus
ISBN 9789492326225 

Het leven beschermen

Geneeskundige ethiek en hulp bij zelfdoding
Peter Selg en Sergej Prokofieff

”Het leven beschermen’ is tot stand gekomen n.a.v. de ontwikkelingen in Zwitserland rond ‘hulp bij zelfdoding’
Wie zich bezighoudt met deze thematiek, ziet de maatschappelijke acceptatie, ook in Nederland, toenemen om mensenlevens kunstmatig te (laten) beëindigen. Allerlei motieven, gedachten en veronderstellingen kunnen daarbij een rol spelen.

De arts en psychiater Peter Selg beschrijft het uitgangspunt van de antroposofische geneeskunde: de inzet voor het leven en de levenskrachten van de individuele mens in zijn levensloop. Behandeling is altijd gericht op genezing. Een antroposofisch arts kan medicijnen inzetten die positief werken op de levenskrachten en tegelijk het lijden verzachten, met behoud van het bewustzijn. Bewustzijn is van groot belang bij het sterven, ook voor het leven nà de dood. Een aspect dat in de maatschappelijke discussie meer aandacht verdient.

Sergej Prokofieff bespreekt de artsen-eed van Hippokrates in het kader van door de arts te verlenen euthanasie. Ook de achtergronden en gevolgen van zelfdoding komen helder vanuit zijn antroposofische visie naar voren. Zelfdoding lijkt een vrije daad, euthanasie een vrije keuze, maar is dat zo?

De Nederlandse vertaling is van Hylke Brandts Buys.
Uitgave van Nearchus, ISBN 978-94-92326-28-7 U kunt het boekje zo bestellen: klik hier.

Beeldende begeleiding in de laatste levensfase

Als woorden tekortschieten
auteur: Karin Brandt

In november 2018 verscheen bij uitgeverij  Pumbo een inspirerend en praktisch boek over de begeleiding van stervenden met beeldende therapie: “Beeldende begeleiding in de laatste levensfase” (ISBN 9789082913408)

Meer hierover kunt u lezen op de website van Karin Brandt (klik hier).
Daar zijn ook allerlei video’s te zien over deze vorm van begeleiding van mensen kort voor hun sterven.

Een preview van het boek (PDF) vindt u hier.

Eindeloos bewustzijn

Het boek van de bekende cardioloog Pim van Lommel hoeven we nauwelijks meer onder de aandacht te brengen.  Niettemin is het fascinerend hem uitgebreid te horen spreken over het ontstaan van zijn boek en over de verschijnselen en ervaringen die met een bijna doodervaring (of liever korte doodervaring) gepaard gaan.

Hoewel de beeldkwaliteit van deze opname, destijds uit het VPRO programma ‘boeken’ niet optimaal is, is het de moeite waard de drie delen waaruit het interview met Wim Brands bestaat, te bekijken. Klik hier voor het eerste deel van het gesprek.

Van goede beeldkwaliteit is deze opname wel: Pauw & Witteman in gesprek met Machteld Blikman over haar ervaring (klik hier).

Loslaten
Nelson Mandela

Om los te laten is liefde nodig.

Loslaten betekent niet dat het me niet meer uitmaakt,

het betekent dat ik het niet voor iemand anders kan oplossen of doen.

Loslaten betekent niet mijzelf afsluiten,

het is het besef dat ik de ander ruimte geef.

Loslaten is niet het onmogelijk maken,

maar het toestaan om te leren van menselijke consequenties.

Loslaten is machteloosheid toegeven,

hetgeen betekent dat het resultaat niet van mij afhankelijk is.

Loslaten is niet proberen om een ander te veranderen

of hem de schuld geven.

Het is het beste van mijzelf proberen te maken.

Loslaten is niet zorgen voor, maar geven om.

Loslaten is niet oordelen, maar de ander toestaan mens te zijn.

Loslaten betekent niet in het middelpunt staan en alles beheersen,

maar anderen toestaan hun eigen weg te gaan.

Loslaten betekent niet treiteren, schelden of ruzie maken,

maar zoeken naar eigen tekortkomingen en die verbeteren.

Loslaten is niet ontkennen, maar aanvaarden.

Loslaten betekent niet alles naar eigen hand zetten,

maar elke dag nemen zoals die komt

en er mezelf gelukkig mee prijzen.

Loslaten is niet iedereen bekritiseren en bedisselen,

maar proberen te worden wat ik droom te zijn.

Loslaten is niet spijt hebben van het verleden,

maar erdoor groeien en leven in het hier en nu.

Loslaten is minder vrezen en meer beminnen.

 

Tekst toegeschreven aan
Nelson Mandela

een nacht in het hospice

Op kamer 2 lag een stille, teruggetrokken vrouw. Ze was niet zo makkelijk te benaderen. De gordijnen en de deur moesten dicht, ook overdag. De donkere stemming van de ruimte leek ook in haarzelf aanwezig, men kwam niet zo maar binnenlopen. Mevrouw belde veelvuldig, maar er kon weinig meer worden gedaan dan haar anders leggen en haar kussen opschudden.

Die nacht zei mijn collega, toen de bel van kamer 2 ging: ‘Deze mevrouw is voor jou vannacht’. Verwonderd over deze opmerking ging ik erheen. Ook nu kon ik haar alleen maar draaien. Daarna ging elke keer opnieuw de bel. Steeds voelde ik die donkere sfeer, voelde dat het haar eigenlijk om iets anders ging. Maar wat? Ik knoopte een gesprek aan over haar leven, daardoor kan soms een opening ontstaan. Ze antwoordde zonder terughoudendheid, en als ze door de slaap enigszins was overmand, ging ik weg om vervolgens na tien minuten weer geroepen te worden. Dan vervolgde ik het gesprek – maar, wilde ze het eigenlijk wel daarover hebben? Was het misschien de religieuze kant van haar leven?

Na een paar keer aarzelen vroeg ik: ‘Bent u gelovig?’ Meteen ging het nog maar één kant op, die van het christelijke geloof, hoe zij dit in haar leven in haar eentje had moeten dragen en verwerken, hoe zij er nù over dacht, zo op de drempel van de overgang. Over vertrouwen en over haar ideeën over wat er na haar dood zou komen. Het gesprek was rijk aan beelden. Het leek of er in het donker een kaarsje ging branden. Mevrouw viel in slaap en belde de hele nacht niet meer.

Een paar dagen later las ik in de rapportage dat ze rustig en stil was overleden.

loslaten

Een woord dat we in veel verschillende levensfasen gebruiken en waar veel betekenissen mee verbonden zijn.

Als kinderen tijdens het spel al: Laat nou los!

Als volwassene: Je moet niet alles zo serieus opvatten, laat toch eens wat meer los.
In de laatste levensfase, de grootste opgave, waar we helemaal zelf voor staan: de opgave om alles wat ons vertrouwd, dierbaar en lief is los te laten.

Dit grote thema vóór het sterven mocht ik van heel dichtbij meemaken bij het sterven van mijn geliefde.

Het werd geen proces van laat nu maar los, laat maar vallen, het hoeft nu niet meer, maar van bewuste actieve besluiten en daden, waar veel wilskracht in zichtbaar werd.
Vrienden waar bewust voor het laatst afscheid van werd genomen.

Niet langer kunnen gaan en staan. Dan nog voor een paar dagen een rolstoel, tot ook die kon worden weggebracht.

Niet meer kunnen schrijven. “…Zou jij nu in mijn dagboek kunnen opschrijven wat ik erin had willen zetten”?

Alles stap voor stap over boord zetten wat er niet langer toe doet en ballast wordt om uiteindelijk het leven zelf los te willen en kunnen laten en vrij te zijn van alles wat zo lang en liefdevol is vast gehouden.

alles voor elkaar

Hij was ver in de tachtig en droeg een ouderwets zwart pak. Hij had iets bedrijvigs, was altijd bezig. Op zijn kamer stond een oud schoolbankje met daarop een computer. Trots liet hij me zien hoe hij de stamboom van zijn vrouw had uitgezocht, heel ver terug, tot in de 7e eeuw. Met een knipoog: “Misschien is er hier of daar wel een zwakke plek in hoor, maar het was voor mijn vrouw mooi om te weten dat ze heel belangrijke voorouders had.” Ik kreeg het geheel mee, op een reeks aan elkaar geplakte papieren afgedrukt, om het eens te bestuderen.

De volgende keer vertelde hij over een nichtje, van wie de ouders zwakbegaafd waren. Ze wilde zo graag de verpleging in, maar hoe dan? Hij had een medische encyclopedie gekocht en die met haar door gestudeerd. Nu was ze al een heel eind op streek met haar studie. Hij stimuleerde haar waar hij kon.

Er was ook een Oeigoerse vrouw die op bezoek kwam. Die had hij voor de supermarkt leren kennen, waar ze de straatkrant verkocht. Ze sprak geen woord Nederlands, dus had hij een woordenboek Oeigoers-Engels gekocht. Als hij boodschappen ging doen nam hij dat mee, en zo konden ze met elkaar ‘praten’. Hij leerde haar een paar woorden Nederlands en vond een adres waar ze kon komen werken in de huishouding.

Zo had hij allerlei mensen om zich heen die van hem hielden, voor wie hij veel betekende. Over zichzelf en zijn ziekte vertelde hij weinig. Hij wist dat hij bij ons was om dood te gaan. Hij nam het als een feit.

Sterven ging als vanzelf. Ineens was hij er niet meer. Hij was klaar met zijn taak.

1 2 3 4 6